Nadat we op 4 augustus ons ‘complimentary continental breakfeast’ in het Western hotel Ehrenberg op hadden, zijn we doorgereden richting San Diego. Onderweg kwamen we een in echte woestijn terecht. Ik dacht: “dit ga ik niet vaker meemaken” en stormde een enorme zandduin op. Vanaf de zandduin kon je over de hele woestijn kijken, echt mega. Alleen maar zand!
Daarna reden we door richting het ‘Anza Borrego desert state park’ toen we er waren bleek dat het hier toch wel erg warm was: 41 graden celcius. Er was helemaal niemand. Het bezoekerscentrum was gesloten, netzo als de winkels en resorts in het stadje voor het park. In juli en augustus is het hier off-season omdat het zo warm is. Omdat wandelen niet mogelijk was besloten we een ‘dirtroad’ te nemen naar een Slot canyon in het park. Deze ‘dirtroad’ was helaas iets te ‘dirt’ zelfs voor onze 4 wheel drive pooierbak en we moesten halverwege omdraaien.
Een mooi park, maar dus niet in juli/aug!
We reden weer verder totdat we in Julian aankwamen. Dit is een mooi oud mijnwerkersstadje. We besloten hier te gaan kamperen omdat we nog een dag niks op het programma hadden staan. Na anderhalf uur hadden we uiteindelijk een camping gevonden. Een erg grote camping met honderd plaatsen, maar met maar een handjevol gasten. Je moet als je vertrekt geld in een envelop stoppen en in een brievenbus gooien.
Vandaag zijn we gearriveerd in San Diego. We zitten op een mooie camping, vlakbij het vliegveld. Bij de receptie van de camping stond een bord waarop stond dat ze hier ratelslangen hebben. Hopen dat we deze niet tegen komen (tot nu toe zijn we alle dieren tegen gekomen die op de borden stonden). Vandaag zijn we met de tram naar ‘Oldtown’ en ‘Gaslamp district’ in San Diego geweest. ‘Oldtown’ was een mooi oud stadje, met gezellige winkeltjes.
‘the Gaslamp district’ is het oude centrum van San Diego. Hier zitten nu winkels en restaurants in.
Rond 5 uur reden we door het drukke verkeer naar de camping. Geert las even een foldertje in de auto. Toen hij uitstapte zei de auto ineens: “TOET”. “HUH?” Alle deuren zaten op slot. En de sleutel lag voorin het bakje. “SH*T!” Alle spullen lagen in de auto!
Geert en Stan liepen naar de campingbeheerder, en hij wilde ons wel helpen. Hij belde wat rond, en binnen een half uur stond er iemand die de deur kon open kon maken. Roben de automonteur toverde de deur binnen een minuut open. Alsof hij een volleerde autodief was stak hij een soort van pin achter het raam en ‘klik’ zei de deur!
Na dit avontuur gingen we eten. De worstjes en groenten waren wel lekker… maar de pudding die we in de Chinese supermarkt gekocht hadden was echt een ramp! Hedwig had de pudding gekookt, en hij moest nog een beetje afkoelen. Hedwig nam een hap, en gelijk keek ze minder vrolijk. “De pudding was vloeibaar toen hij mijn mond in ging, maar nu is het een vel geworden!” De pudding was snotgroen was en rook zoet chemisch. De afgekoelde pudding leek op de inhoud van een scheetpot. (Z’n ding van de kermis waarmee je scheetgeluiden kan maken.) We hebben de pudding trouwens niet opgegeten. gelukkig hadden we s'Mores, gemaakt door Stan, als alternatief
Geen opmerkingen:
Een reactie posten